Het geluk van andere mensen

De laatste weken zijn ingewikkeld en tegelijk interessant geweest. Ik heb moeite om te wennen aan de nieuwe persoon die ik geworden ben: afgestudeerd, op zoek naar een job die bij mij past en aan het uitpluizen wie ik wil zijn, waar ik wil zijn en wie ik bij mij wil terwijl ik dat allemaal doe. Het leven. Ik heb het gevoel dat het perspectief op wie ik ben en wat ik doe momenteel zo snel verandert. Het is wankel, het kan nog alle kanten uit. Ik kan nog alle kanten uit. Ondertussen doe ik de dingen waarvan ik weet dat ze mij helpen. Ik probeer om op andere manieren te schrijven, nog meer boeken te lezen en meer te luisteren naar nieuwe muziek. Ik omring mij met mensen die zulke bakens van creativiteit zijn dat ze de wereld lichter maken, ook al is dat voor hen één van de moeilijkste dingen om te doen. Ik weet dat, want het is ook moeilijk voor mij. De wereld is geen natuurlijk lichte plek. We hebben een zon nodig.

Er zijn zaken die ik wil leren, mensen die ik wil ontmoeten of weer wil zien. Ik wil meer tijd doorbrengen met reizen. Er is iets rustgevends aan het feit dat ik op een plaats ben die verschilt van wat ik elke dag te zien krijg of kan zien. Je hebt plots de tijd om jezelf en je gedrag in een andere omgeving te bestuderen en je leert dingen over jezelf. Goede dingen. Slechte dingen. Maar echt reizen kan ik mij niet veroorloven nu. Voorlopig hou ik het dus bij wat ik kan: steden in België, lopen door de Vlaamse velden en de lucht opsnuiven. Ik ben nooit dol geweest op het platteland. Als kind verhuisden we van de drukke stad naar de boerenbuiten. En ik hou nog steeds vooral van grote steden, hou van de gestructureerde chaos en de anonimiteit die er heerst. Alsof ik weer niemand mag zijn.

Tegenwoordig moet je constant iemand zijn en dat ook aan iedereen bewijzen. Dat is een tweesnijdend zwaard. Ik heb altijd al de drang gehad om dingen te creëren en om die dingen daarna te delen met mensen. Ik blijf het meisje dat zelf haar tekening met een ananasvormige magneet aan de koelkast pinde. Maar soms ben ik wat terughoudend en heb ik mijn bedenkingen bij al dat delen. Niet omdat ik vrees dat iemand mijn woorden zal stelen of mijn idee zal oppikken om het zinvoller in te vullen – zaken die het afgelopen jaar gebeurd zijn en waarschijnlijk zullen blijven gebeuren – maar omdat het je als persoon heel zichtbaar en heel kwetsbaar maakt.

En de laatste tijd is er een gedachte in mijn hoofd gekiemd. Ik weet niet zeker of het een egoïstische gedachte is. Maar het schiet wortel, het vertakt: “Ik vind het oneerlijk dat ik zoveel van mezelf prijsgeef aan bepaalde mensen die dat niet verdienen. Ik vind het oneerlijk dat andere mensen zo weinig prijsgeven aan mij terwijl ik dat wel verdien.” De voorbije jaren heb ik vooral gegeven, gegeven, gegeven. Ook al bleef ik daarna met lege handen achter, alleen. Ik neem nooit terug. Ik moet meer voor mezelf opkomen. Ik moet stoppen met mezelf tekort te doen. Er zijn zoveel manieren waarop we proberen om redenen te vinden waarom we als mens niet genoeg zijn, ontoereikend, niet in staat om iets te doen. Ik wil altijd beter zijn. Dat is deels een goede impuls natuurlijk: het is leren. Het is nieuwe dingen proberen en praten met andere mensen. Het is alleen de beste versie van jezelf toelaten om voor jou te handelen. En het is groeien.

Maar het is deels ook gevaarlijk, besef ik. We vergeten hoeveel we onszelf onder druk zetten om altijd maar te evolueren. Wij veroordelen onszelf als we niet snel genoeg vooruitgaan. Als we niet even snel even slim zijn als anderen. Niet even snel even succesvol. Niet even gemakkelijk even gelukkig. Ik veroordeel mezelf. Ik straf mezelf. Ik leg de lat onmetelijk hoog. En hoewel ik weet dat het me motiveert, kan het mij soms ook verlammen. Vergelijking is destructief. In mijn hoofd leef ik honderd levens die ik nu nog niet leef: mijn dromen en mijn ambities, de dromen en de ambities van anderen. Ik voer altijd competitie met het leven dat ik heb en het leven dat ik wil, het leven dat ik heb en het leven van anderen. Op den duur blijft er geen tijd meer over om gewoon te leven.

Onlangs las ik in het wondermooie rouwboek H is for Hawk van Helen Macdonald dit zinnetje: “We carry the lives we’ve imagined as we carry the lives we have, and sometimes a reckoning comes of all the lives we have lost.” Ik besef hoe ik mezelf vermoei door altijd zoveel verwachtingen mee te dragen over hoe mijn leven en mijn wereld er zou moeten uitzien. Ik besef hoe ik mezelf zo alleen maar tegenwerk.  Ik moet van mezelf vanaf nu eerst 10 stappen terugnemen voordat ik weer vooruit mag gaan. Ik moet aan mezelf vertellen: “Het succes van andere mensen is niet mijn falen. Het geluk van andere mensen is niet mijn verdriet. De wijsheid van andere mensen is niet mijn onwetendheid.” Ik herhaal het tot ik het zelf geloof. Het is niet omdat je niet staat waar anderen staan dat jij nergens staat. Je kan nog alle kanten uit. En misschien is heel even buiten de lijntjes kleuren het begin van een meesterwerk.

Advertenties

11 thoughts on “Het geluk van andere mensen

  1. Blijven herhalen die zin, want soms kijken we ons blind op anderen. Terwijl dat enkel is wat ze ons willen tonen. We weten niet hoe onvolmaakt, ongelukkig, on….dat leven is.

    1. Volledig met je eens, Myriam. Ik denk dat mensen (ik soms toch) de gewoonte hebben om zichzelf te definiëren aan de hand van alle dingen die ze niet zijn en anderen wel lijken te zijn. Terwijl we niets over dat leven weten. Niet echt.

  2. Ik begon gisteren je blog te lezen toen grote dochter over mijn schouder mee kwam kijken. Ik liet mijn moederlijke macht gelden 🙂 en zei dat ze dit MOEST lezen (wetende dat hier geen gezever te lezen is)
    Haar besluit was dat ze er helemaal als jij over denkt, alleen weet jij dat beter te verwoorden.

  3. Een prachtige en vooral zeer authentieke blogpost. Al te vaak proberen mensen in een bepaald plaatje te passen. Ik denk dat het zeer moeilijk maar wel heel bevrijdend kan zijn om hier mee te stoppen. Wees gewoon jezelf. Als ik je blogpost lees, dan moet je wel geweldig zijn. Nog authentieker zijn kan dat alleen maar bevorderen!

    1. Authentiek zijn is soms gewoon eerlijk uitkomen voor je mindere kantjes, je onzekerheden. En je hebt gelijk: het is bevrijdend maar moeilijk om te stoppen met altijd maar in een plaatje te willen passen. Bedankt, Imke, jouw reactie maakte mijn dag een beetje mooier 🙂

  4. Ik dacht vroeger ook dat de anderen altijd slimmer, mooier, beter, … waren dan ik. Al die mensen leken altijd zo zeker van hun zaak. Maar waar ik nu achter gekomen ben (ik ben ondertussen 43!), is dat dat niet waar is. Ik ben gewoon heel eerlijk (en jij denk ik ook). Als ik iets niet 99,9% zeker weet, zeg ik het niet. De gemiddelde medemens heeft er een stuk minder scrupules over om iets als waar te verkondigen. Dus ze doen heel vaak gewoon alsof ze het beter weten. (En dat doen ze dan niet persé expres, ze denken het echt!) Let maar eens op. Als je dat weet, zie je het ook. Achteraf gezien heb ik dat eigenlijk altijd al geweten, maar durfde ik nooit mijn intuïtie vertrouwen. (Geen idee waarom niet.) En ook ik had altijd het gevoel dat ik heel hard mijn best deed voor alles en iedereen, en dat er relatief weinig terug kwam.
    Nu begin ik het min of meer van me af te schudden. Denk ik: ik heb ook recht op een mening die anders is dan de jouwe (die niet zo perfect is als jij je mening laat uitschijnen).
    Het ding is dat andere mensen daar zo niet over nadenken. Ze denken dat ze iets weten, kunnen, … En dan nemen ze dat ook heel snel als waar aan. Omdat ze zichzelf niet in twijfel trekken, kunnen ze als vanzelf ook dat zelfvertrouwen uitstralen. Waar wij dan met open ogen intrappen.
    Nu ik daar eindelijk achter gekomen ben, denk ik al eens wat vaker: “ga op uwe kop staan, ik geloof u niet zomaar”. En dat is bevrijdend.
    Wat ook heel bevrijdend is, is het besef dat niet alles mogelijk is, en dat de toekomst niet zomaar aan je voeten ligt. Wij zijn daar in deze tijd mee opgegroeid: “waar een wil is, is een weg”, “je kan later alles worden wat je maar wil”. Maar dat is niet altijd zo. Je erbij neerleggen dat je niet alles kan, is heel moeilijk. Maar het is wel zo.
    Wat niet wil zeggen dat je niet je droom achterna moet jagen. Ik ben het nog altijd eens met “aim for the stars to land on the moon”. Maar kies je droom. En denk niet dat je er tien kan laten uitkomen. Trouwens, “die anderen” kunnen dat ook niet. Wat je niet mag vergeten: “ik” is er maar ééntje, “die anderen”, die je overal rondom jou ziet, dat zijn er veel. In je gedachten tel je die ook bij elkaar op, en lijkt het of ze veel meer bereikt hebben. Maar als je “die anderen” uit elkaar trekt, en één voor één bekijkt, valt het ook best mee hoor, hoeveel ze al bereikt hebben.

    groetjes,
    Inge

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s